Wat speelt er eigenlijk… met Mathijs Preenen


De nieuwe rubriek ‘Wat speelt er eigenlijk…’ is in het leven geroepen omdat leden maar weinig bewust zijn van elkaars bestaan. ‘Wie speelt er eigenlijk op zondag, terwijl ik zelf op zaterdag speel?’, ‘De jeugd zit enorm in de lift, maar wat voor jongens en meisjes spelen daar eigenlijk?’ of ‘Hoe gaat het eigenlijk met de vrijwilligers binnen de club?’ zijn vragen die regelmatig opdoemen in de kantine. Neem kennis van elkander!

Voor de lancering van de rubriek zal begonnen worden met de aanvoerders van de vertegenwoordigende elftallen. Zo zullen de aanvoerders van zaterdag 1, vrouwen 1 en zondag 1 ondervraagd worden. Na deze leden gehad te hebben zal er kriskras door het ledenbestand gegaan worden om iedereen het woord te bieden. Na Tim van Dalfsen in de afgelopen versie is dit keer Mathijs Preenen aan de beurt, aanvoerder van zaterdag 1.

Welkom Mathijs! Ik zal beginnen met de vraag waarmee ik afgelopen week ook begonnen ben: Je komt net van het trainingsveld, hoe ging de training?

‘Wel lekker getraind. We trainen maar één keer per week, dan is het belangrijk om scherp te trainen. De meeste jongens hebben er dan ook veel zin in. Meestal trainen we dan ook met een grote groep, dus dat is altijd leuk.’

Een grote groep voor een nieuwe trainer. Naast Nanne is er nog een trainer aangesteld, Jakob Zwart. Hij is werkzaam als rechercheur werkzaam, zie je die strengheid ook terug binnen het veld?

‘Ja. Nanne is een man van de club, de man die een arm om je schouder legt. Jakob staat wat meer boven het geheel. Dat heeft deze groep ook wel nodig. Wij hebben er jongens bij zitten met een grote mond en een mening. Als je die zonder duidelijke opdracht het veld instuurt, dan gaat iedereen dat zelf invullen. Gelukkig hebben wij daar dit seizoen Jakobvoor om samen met Nanne dit in banen te leiden. Dit trainersduo heeft inmiddels al debijnaam ‘’Good Cop, Jakob’’ gekregen. .’

Een strenge hand was nodig naast Nanne?

‘Meer een duidelijke hand. Ik wil niet zeggen dat de trainer erg streng is, maar hij staat wel duidelijk boven de groep. Hij zet duidelijk de lijnen uit. Om daar een voorbeeld bij te geven: in de uitwedstrijd bij CSVC haalde hij onze spits Niels Burgler na een half uur naar de kant. In de wedstrijd die daarop volgde gaf de trainer duidelijk te kennen waarom hij dat had gedaan: Niels voerde zijn taak niet goed genoeg uit. Zulke acties zetten wel direct de toon. Het is niet zo dat hij per se overal op zit, maar het is voor de trainer van groot belang dat iedereen zijn taak uitvoert en dat vind ik wel goed.’

Ik heb zelf de wedstrijd mogen aanschouwen toen jullie op bezoek waren bij v.v. Helpman, die jullie vanuit een gedisciplineerde speelwijze met 2-3 wonnen. Jullie staan nu op de tweede plek in de competitie. Wat is de doelstelling voor zaterdag 1 dit seizoen?

‘Wij willen simpel gezegd zo hoog mogelijk eindigen. Ik ga niet uitspreken dat wij voor het kampioenschap gaan. Andere teams in deze competitie trainen minimaal twee keer per week. Als wij dit seizoen een periode weten te pakken en mogen spelen voor promotie mogen wij dik tevreden zijn. Het is een zware vierde klasse. De promovendi zijn ruim kampioen geworden in hun klassen, zoals Achilles 1894. Daarnaast zitten er teams in die jongens bezitten die aanzienlijk hoger gespeeld hebben. HS’88 heeft afgelopen seizoen tot de laatste speeldag meegespeeld om het kampioenschap, kortom: iedereen kan punten pakken tegen elkaar.

‘Als wij dit seizoen een periode weten te pakken en mogen spelen voor promotie mogen wij dik tevreden zijn.’

Ik was niet de enige die deze wedstrijd gezien heeft tegen v.v. Helpman. Ook de nieuwe voorzitter Wim Boerkamp was hier even te kijken. Wat is jouw blik op het nieuwe bestuur en de nieuwe voorzitter?

‘Heel positief! Ik denk dat het met name voor de zaterdagtak positief uitpakt. Wij zijn altijd zelfvoorzienend geweest. Toen ik hier in 2010 kwam zaten er vooral oudgedienden in het zaterdag 1 elftal. Het was echt een vriendenteam die van jongs af aan al met elkaar voetbalden. Dat groepje had niet echt de ambitie om met dat elftal prestatievoetbal te spelen. Sindsdien is de zaterdagtak enorm gegroeid. Afgelopen seizoen waren er 7 zaterdag elftallen en 6 zondag elftallen. Dit geeft misschien wel weer dat de zaterdagtak enorm groeiende is.’

‘Wim heeft voor ons een belangrijke rol gespeeld bij de aanstelling van Jakob Zwart. In de  totstandkoming daarvan heb ik nauw met Wim samengewerkt. De benaderingswijze van Wim richting ons elftal heb ik als erg prettig ervaren. Wim maakt waar wat hij zegt. De daad wordt bij het woord gevoegd, wat ook te zien is aan zijn regelmatige aanwezigheid langs de lijn. Mede door het gevoel wat hiermee is afgegeven heeft de trainer besloten om in te stappen bij Amicitia VMC zaterdag 1. Dat is heel belangrijk. Niet alleen voor nu, maar ook voor de uitbreiding van de zaterdagtak in de aankomende jaren.’

Hoe verwacht jij dat deze ontwikkeling zich doorzet?

‘Dat is heel lastig. Ik verwacht dat de ontwikkeling richting de zaterdagtak, maatschappelijk gezien, zich gaat voortzetten. Vanuit de club is hardop de vraag gesteld of je in zou moeten zetten op de zaterdagtak. Zelf ben ik hier altijd voorstander van geweest. Ik denk dat, als er een harde keuze voor de zondag als speeldag wordt gemaakt , de halve zaterdagtak weg zou lopen.’

Zouden we kunnen stellen dat de combinatie Jakob, Nanne en Rob Kuiper (elftalleider) een meer dan geschikte is op dit moment voor zaterdag 1? Leg dat eens uit.

‘Ja. Jakob maakt samen met Nanne de voetbaltechnische beslissingen. Echter is Jakob wel de man die zaterdag voor de groep staat. Nanne is daarnaast degene die met spelers praat en ook de jongens opvangt die gepasseerd zijn, ook om hen duidelijkheid te geven. Rob Kuiper speelt een belangrijke rol rond het elftal en in de bestuurskamer. Rob ontziet Nanne en Jakob hierin, zodat zij zich volledig op het voetbal kunnen focussen. Nanne deed dit eerder allemaal in zijn eentje. Voor zaterdag 1 is dat op dit moment een meer dan uitstekende combinatie.’

Zoals je al stelde voetbal je sinds 2010 bij Amicitia VMC, waar je daarvoor voor v.v. Titan uitkwam uit Nieuw Weerdinge. Wat maakt Amicitia VMC voor jou anders dan dat v.v. Titan is?

‘V.v. Titan is echt een dorpsclub. Daar loopt bij wijze van spreken het hele dorp op zondag uit om naar het eerste elftal te komen kijken. Zij worden daar elke zondag op en top opgevangen omdat dat het hoogtepunt binnen het dorp is op zo’n zondag. Doordat Amicitia VMC in de stad zit is dat toch anders. Dit is een voorbeeld wat de verschillen wel kenmerkt tussen dorpsclub v.v. Titan en stadsclub Amicitia VMC.’

Afgelopen seizoen heb je de sponsorcommissie voor de club bemand, wat dit seizoen niet meer het geval is. Hoe zou Amicitia VMC nog meer sponsors naar zich toe kunnen trekken?

‘Ook bij v.v. Titan heb ik in de sponsorcommissie gezeten. Die commissie was veel groter dan dat die bij Amicitia VMC is en was. Echter zit hier ook een verschil in tussen de dorpsclub en de stadsclub. In het dorp werd je bijna aangekeken als je de plaatselijke club niet sponsorde. Dat heb je hier minder, maar wij hebben hier met z’n allen wel een heel groot netwerk in de vorm van werkgevers, familieleden, vrienden, buren. Dat netwerk komt echter niet zomaar in actie, die moeten gevraagd worden of zij de club willen sponsoren! Daar zouden alle 500 leden zich meer bewust van moeten zijn. Deze bedrijven komen niet vrijwillig naar de club om te vragen of zij een reclamebord langs het hoofdveld kunnen hangen.’

‘Dat netwerk komt niet zomaar in actie, die moeten gevraagd worden of zij de club willen sponsoren!’

Zelf ben je werkzaam voor Kisuma. Jij hebt Kisuma zo ver gekregen dat zij Amicitia VMC wilde gaan sponsoren. Wat maakt het voor Kisuma interessant om sponsor bij Amicitia VMC te zijn?

‘Eenvoudigweg niks. Behalve goodwill in de regio levert het Kisuma helemaal niks op. Zij doen het omdat het bedrijf een beleid hanteert waarin staat dat Kisuma regionaal wil sponsoren en daarin hebben sportverenigingen van werknemers voorrang. Ik heb toen een verzoek ingediend, waarop Kisuma ons tassen heeft gesponsord en daarbij hebben zij ook een reclamebord genomen. Kisuma zal heus niet de enige organisatie zijn die dit in haar beleidsplan heeft staan.’

Zou je mij kunnen vertellen wat je precies doet bij Kisuma?

‘Ik ben salesproduct manager bij Kisuma. Wij maken magnesium additieven voor kunststoffen. Bij Kisuma ben ik verantwoordelijk voor de verkoop van één van onze producten in Europa, het Midden-Oosten en Afrika. Dat is natuurlijk een hele brede markt. .Daarom werk ik onder andere nauw samen met agenten en distributeurs. Ik ben dan ook regelmatig op reis voor het werk en ben de hele wereld al overgevlogen. Als ik eerlijk ben komt één keer training mij in dat opzicht ook niet volledig ongelegen.

‘Het is vanuit de opleidingen die ik genoten heb niet direct een logische stap geweest om deze functie te gaan bekleden bij Kisuma. Vanuit mijn master Marketing Management vond ik een geweldige afstudeerstage bij Heinz in Zeist. Vanuit die afstudeerplek kwam ik in de verpakkingswereld terecht. Mijn vriendin, waarmee ik nog steeds samen ben, woonde in Groningen waardoor ik terugkeerde naar het noorden. Waar ik toen werkte met een tastbaar product, een verpakking, is dat tegenwoordig helemaal niet meer het geval. Nu maken we additieven, maar uiteindelijk hebben de opleidingen die ik genoten heb ertoe geleid dat ik nu iets doe wat mij nabij het hart ligt.’

Je stuurt vanuit je werk dus distributeurs en agenten aan zeg je net. Draagt dat er ook aan bij dat je een betere aanvoerder bent geworden?

‘Het begint ermee dat ik ervan houd om dingen te organiseren. Ik vind het niet erg om het voortouw te nemen en mijn nek uit te steken. Als er vanuit het voetbal een feestje georganiseerd moet worden, dan trek ik dat graag naar me toe. Als aanvoerder vind ik het belangrijk dat iedereen het naar z’n zin heeft. Dat is binnen de lijnen niet anders.’

Ik had zelf altijd het idee, gedurende de jaren dat ik hier voetbal, dat de zaterdag 1 niet zo heel serieus genomen werd. Zaterdag 1 leek los te staan van de club en er werd vanuit de rest van de club wat neerbuigend gedaan richting dit elftal. Heb je het idee dat deze blik veranderd is met het aanstellen van Jakob Zwart?

‘Ja, ik denk het wel. Wij hebben ook meer initiatief genomen om zaken te organiseren. Zo hebben  wij  onlangs samen met het jeugdbestuur een sponsordag georganiseerd, waarbij wij een lunch hadden geregeld voor alle aanwezige elftallen. Wij zorgen er ook voor dat we wat meer zichtbaar worden en daar dragen de nieuwe sponsoren ook aan bij. RAM marketing en MRM-professionals zijn nieuwe sponsors bij zaterdag 1. Dit draagt er denk ik aan bij dat men anders naar de zaterdag 1 gaat kijken. .’

Ook in dit interview wat vragen voor de jeugd. Je bent laatste man in zaterdag 1, ben je dat altijd al geweest?

‘Vele jaren terug stond ik nog gepositioneerd als aanvallende middenvelder. Daarna ben ik steeds verder naar achteren teruggezakt. Van 10 naar 6 en van 6 naar laatste man. Sinds Nanne is aangetreden ben ik laatste man geworden. Er waren gewoon jongens die beter achterop het middenveld functioneerden dan ik, zoals bijvoorbeeld Wouter Diepeveen. Ik ben een voetballer die het veld voor me moet hebben. Ik stuur de boel graag aan en dat moet ook mijn rol zijn en blijven binnen dit team.’

Vorige jaar is er een handvol jongens overgekomen van v.v. Actief uit Eelde-Paterswolde en ook zijn er nieuwe jongens bijgekomen van jouw oude club v.v. Titan. Ben je niet bang voor groepjesvorming binnen het team?

‘Vorig jaar was dit wel een beetje het geval. Mede omdat de jongens die van v.v. Actief kwamen graag met z’n allen in een elftal wilden spelen. Nu, in hun tweede seizoen hier, merk je dat zij zich meer op laten nemen in het teamproces. Afgelopen seizoen was het nog wel eens zo dat als er één niet kwam, de anderen ook niet kwamen. Dat zal nu niet zo snel meer gebeuren. Zij gaan niet met z’n vijven ergens zitten, zoals wij dat als voormalig v.v. Titan jongens ook niet doen.’

Hoe groot is de kans dat de zaterdag 1 aankomend seizoen twee keer gaat trainen?

‘Ik denk groot. Het is echter wel afhankelijk van welke spelers je hebt. Wij trainen hier op kunstgras en er zijn jongens die daar weldegelijk last van hebben. Tot en met de start van de beker hebben we dit seizoen twee keer getraind en dat vond ik wel erg fijn. De helft van de selectie was dit met mij eens, maar de andere helft niet. Het zou zo kunnen zijn dat er door geselecteerd wordt als er straks weer een groep jongens bij komt en dan zou twee keer training toch echt door moeten voeren. Zelf vind ik dat iedereen twee keer per week wat moet doen. “We trainen maar één keer per week en daardoor ben ik niet fit”, is voor mij geen excuus.’

‘Sterker nog, wij willen heel graag samenwerken met zondag 1.’

Als laatste vraag: wat is jouw boodschap, als aanvoerder van een van de vertegenwoordigende elftallen richting de jeugd?

Plezier in het spelletje is het allerbelangrijkste, ongeacht op welke niveau je speelt. Ik denk dat Amicitia als vereniging erg goed bezig is met de jeugd, onder andere met de VTON methode en kledingpakketten.  De komende jaren gaat er wellicht zelfs jeugd doorstromen richting de senioren, wat hardstikke goed is maar mogelijk ook uitdagingen met zich meebrengt. Ik vang wel eens geluiden op van mensen die met het oog hierop wrijving tussen de zaterdag- en zondagtak verwachten. Zelf denk ik dat dit echter helemaal geen probleem hoeft te zijn. Het allerbelangrijkste voor onze vereniging is om spelers, jeugd en senioren, binnenboord te houden. De jeugd heeft de toekomst, dus voor ons als vereniging is het in de eerste plaats belangrijk om hierin zo goed mogelijk te faciliteren, ongeacht naar welke speeldag de voorkeur van de jeugd uitgaat.  Amicitia VMC heeft voor iedere speler wat te bieden. Prestatievoetbal op relatief hoog niveau op zondag, een prestatieteam op zaterdag, recreatieve elftallen, damesvoetbal, 35+ en ga zo maar door. Dit kan juist versterkend werken, zolang een en ander maar in goede banen wordt geleid. Waarom kan een jeugdspeler geen ervaring op kunnen doen in Zaterdag 1, om vervolgens later de stap te maken naar Zondag 1. Ik vind ook dat wij als vereniging meer samen zouden moeten werken. Denk bijvoorbeeld aan oproepen voor nieuwe spelers. Op dit moment plaatsen Zondag 1, Zaterdag 1 en de Dames apart hun oproepen via de welkbekende media. Daarmee stralen we geen eenheid uit.  In al deze zaken is voor de technische commissie de komende jaren een belangrijke rol weggelegd. Overigens heb ik zelf laatst een keer met Zondag 1 meegetraind omdat ik vanwege werk op woensdag verhinderd was. Joop van Dalfsen sprak ook duidelijk de intentie uit dat spelers van beide elftallen met elkaar mee zouden moeten trainen als dat zo uit komt. Hardstikke positief natuurlijk en ik verwacht daar nog wel eens gebruik van te gaan maken dit seizoen.

De rubriek ‘Wat speelt er eigenlijk…’ verschijnt één keer in de twee weken op de website en op de Facebook pagina van de club.